Casus over trauma

Werken met Een Taal Erbij® bij een vluchtelingengezin

Soms begint beweging niet met woorden, maar met poppetjes op tafel. In deze casus zie je hoe dat werkt bij een gezin dat alles achter zich moest laten,

Het gezin

Moeder Dima (39 jaar), zoon Khaled (14 jaar, MBO leerling) dochter Yasmin (12 jaar,  laatste jaar basisschool) en zoontje Sami (11 jaar). De kinderen spreken redelijk Nederlands.

De vader in het gezin, Fadi, is door marteling in de gevangenis tijdens het regime van Saddad invalide geworden en kan zich niet goed verplaatsen. Hij steunt op een stok. Yasmin ondersteunt vader bij binnenkomst in de kamer. Vader spreekt minder goed Nederlands, van moeder valt dat niet zo goed te beoordelen want ze zwijgt veel.

Ze komen omdat er bij alle kinderen inslaapproblemen spelen. Khaled heeft ook nachtmerries. Sami kan enorm uit zijn dak gaan. Deels speelt de aankomende puberteit hierbij mogelijk een rol, maar dat is niet helemaal duidelijk. 

Hypothese van de hulpverlener

  • De onzekerheid over de verblijfsstatus ondermijnt het gevoel van veiligheid binnen het gezin.
  • Door het ‘levend verlies’ bij vader kunnen rouwklachten spelen: slecht slapen, piekeren, nachtmerries, flashbacks en ongecontroleerde woede bij het jongste kind.
  • Rouw om het verloren vaderland speelt waarschijnlijk ook een rol. Terugkeer is mogelijk, maar de situatie in Syrië is allesbehalve rooskleurig.
  • EMDR bespreken als mogelijke behandeling.

Het gesprek

  • Hulpverlener:

    „Jullie zijn nu al een poosje in Nederland en ik ben benieuwd hoe dat voor jullie is. Ik heb begrepen dat jullie kinderen niet zo lekker slapen, en dat Sami soms heel erg boos kan worden. Ik weet vanuit mijn ervaring dat deze klachten vaak voorkomen bij mensen die, net als jullie, heel veel nare dingen hebben meegemaakt. Je zou bijna zeggen dat het een logisch gevolg is van afschuwelijke, onbegrijpelijke gebeurtenissen. We noemen dat traumasymptomen.”

    „Het moet moeilijk zijn om te zien dat jullie vader zo slecht ter been is. Ik kan me nauwelijks voorstellen wat dat voor jullie gezin betekent. Kunnen jullie met elkaar hierover praten en de zorg over vader met elkaar delen?”

    Vader:

    „Nee, de kinderen willen het er niet over hebben. Ik ook niet. We zijn nu veilig in Nederland en we proberen ons aan te passen (coping is niet achterom kijken).
    Maar ik maak me veel zorgen over iedereen. Mijn vrouw is in zichzelf gekeerd en we praten niet meer zoals vroeger.”

    Hulpverlener:

    „U beschrijft dat heel treffend. Ik kan me geen voorstelling maken van hoeveel zorgen u heeft over uw vrouw en kinderen, en welke kracht u nodig heeft om ze te steunen. Zijn er mensen waar u mee kunt praten?”

    Vader:

    „Ik ga wekelijks naar het koffiehuis. Ik ken daar een paar mensen en we praten nergens over, maar dat hoeft ook niet.”

    Moeder huilt. De kinderen kijken bezorgd. Dochter Yasmin troost haar moeder door haar arm te strelen.

De opstelling op tafel (Beeld 1)

Inmiddels heeft de hulpverlener de poppetjes van het gezin op tafel neergezet. Een stokje scheidt het land van herkomst, met een schatkist en een schadeteken, van Nederland, waar het gezin nu is. Een rood-wit-blauw blokje staat op het Nederlandse deel.

traumaverwerking - De opstelling op tafel
Beeld 1

Het beeld maakt indruk op het gezin. Ze zien de schatkist en de schade. Dit beeld is op zich al erkenning gevend: het drukt goed uit hoe verscheurd vluchtelingen zich kunnen voelen. Een kleine diamant verbeeldt de nieuwe situatie.

Hulpverlener:

„Er zijn hele nare dingen gebeurd in jullie thuisland, vandaar dit schadeteken. Maar er zullen ook goede herinneringen zijn, of vergis ik me?” Hulpverlener wijst op het schatkistje. 

Let op: de hulpverlener is zorgvuldig in zijn vraagstelling. Hij vult niets in, maar vraagt altijd, en laat de controle bij het gezin. Controle is van wezenlijk belang bij mensen die trauma hebben meegemaakt.

Hulpverlener:

„Ik heb jullie zo neergezet omdat ik denk dat jullie je een beetje teruggetrokken hebben na alle gebeurtenissen. We zien dat vaak bij mensen die nare dingen meemaken en elkaar proberen te ontzien door er niet meer over te praten. Klopt dat beeld zo voor jullie?”

Uit zichzelf zullen getraumatiseerde mensen dit niet snel doen, omdat de pijn vermeden wordt en ze elkaar ook proberen te ontzien. Dit laatste heeft ertoe bijgedragen dat ze uit verbinding zijn geraakt. 

Hulpverlener (richt zich tot oudste zoon Khaled):

„Weet jij wat je zusje het meeste mist van vroeger?”

Khaled (verbaasd!):

„Nou… ik denk haar vriendinnen en haar dansclub.”

Hij kijkt vragend naar zijn zus. Yasmin kijkt ook verbaasd en knikt bevestigend.

Dit is een verbindende interventie. Het feit dat Khaled weet dat zijn zus haar vriendinnen mist, laat zien dat er meer verbinding is dan het gezin zelf beseft. Optioneel: de hulpverlener zou de vriendinnen op het deel van het thuisland kunnen neerzetten, samen met Yasmin.

De hulpverlener past het beeld aan: broer en zus staan nu naar elkaar toegewend. Ook het jongste kind kijkt naar zijn broer en zus.

traumaverwerking - de verbinding
Beeld 2

Waarom deze aanpak werkt bij traumaverwerking

Bij het werken met getraumatiseerde mensen is het essentieel om de verbinding tussen gezinsleden weer te stimuleren. Circulaire vragen helpen daarbij: ze nodigen mensen uit zich in de ander te verplaatsen en dragen bij aan begrip, herkenning en echte verbinding.

Minder helpend: vragen naar feiten en details. Die worden bij trauma vaak afgeweerd.

Reflectie van de hulpverlener

"Het was voor mij, en ik denk voor velen, lastig om getuige te zijn van de machteloosheid van mijn cliënten in het AZC waar ik werkte. De eindeloze procedures voor een verblijfsvergunning vergroten de onveiligheid en angst waar deze mensen al zo veel mee te maken hebben gehad."

Ady van Doornik, 13-04-2026

Zelf leren werken met trauma en Een Taal Erbij®?

In de training Trauma met Een Taal Erbij leer je hoe je als hulpverlener erkenning geeft voor het leed van je cliënt, patronen zichtbaar maakt op tafel en verbinding herstelt, ook bij complexe situaties zoals vluchtelingenproblematiek, rouw en verlies.

Bekijk alle actuele trainingsdata >

Ady van Doornik Een Taal Erbij

Ady van Doornik

Systeemtherapeut en oprichter van De Kontekst Gooise Meren

Ady werkt al jaren met gezinnen die vastlopen, door trauma, verlies of complexe gezinsdynamiek. Met de methodiek Een Taal Erbij® maakt ze het onzichtbare zichtbaar: op tafel, met poppetjes, in beweging.

Scroll naar boven